Precies 37 jaar na hun historische protest tegen de mensenrechtensituatie in de Verenigde Staten keerden Tommie Smith (59) en John Carlos (60) terug naar de San Jose State University. Dit ter gelegenheid van de onthulling van hun standbeeld.
Tijdens de Olympische Spelen in Mexico confronteerden beide 200-meterlopers de wereld op een toentertijd als schokkend ervaren wijze met hun politieke stellingname. Nadat Smith en Carlos respectievelijk de gouden en de bronzen medaille om de nek was gehangen, brachten zij op het erepodium de Black Panther-groet. Beide mannen bogen hun hoofd en staken een gehandschoende vuist in de lucht. Ze liepen op sokken om er op te wijzen dat een groot deel van de zwarte bevolking onder de armoedegrens leefde. Smith droeg bovendien een zwarte sjaal, waarmee hij black pride wilde uitdrukken.
De actie bleek een geweldloze, maar krachtige aanklacht tegen sociale tweedeling in de Verenigde Staten. De Amerikaanse ploegleiding was echter not amused, en verwijderde Smith en Carlos uit het Olympische dorp. De ironie wil dat de bronzen beeltenissen van de twee nu permanent op de campus van hun vroegere universiteit zullen verblijven. Begin oktober werd het beeld onthuld. Pikant detail: de onthulling liep vertraging op omdat de Amerikaanse vlag tot tweemaal toe bleef steken op de geheven vuisten.
Foto: Smith (rechts) en Carlos bij hun bronzen beeltenissen.
Peter Klooster
[17-11-2005]