Nooit eerder vertoond: in september sneuvelden in een maand de wereldrecords op de 100 meter en de marathon. Welk van deze twee records is nu het scherpst?
Om een vergelijking te kunnen maken tussen verschillende atletiekdisciplines ontwikkelde de Canadees Daniel Mercier een vergelijkingsschaal. Hij gebruikte hiervoor zeer diepe ranglijsten per land en uitslagen van grote toernooien van de laatste decennia.
Volgens de Mercier Score Tabel is de 9.74 van de Jamaicaan Asafa Powell een tijd van 2.03.25 waard op de marathon. Dat zou kunnen kloppen: Haile Gebrselassie realiseerde in Berlijn een tijd van 2.04.26, maar verklaarde na afloop onmiddellijk dat hij persoonlijk een tijd in de 2.03 haalbaar acht (lees ook het exclusieve interview met Gebrselassie in de nieuwe Runner’s World).
Hoe verhoudt zich nu het wereldrecord van de vrouwen tot dat van de mannen? Paula Radcliffe liep 2.15.25 (Londen, 2003), volgens Mercier staat dat gelijk aan een tijd van 1.59.55 bij de mannen. Gebrselassie sluit niet uit dat de magische grens van twee uur in de toekomst inderdaad doorbroken zal worden, maar laat dat graag aan zijn opvolgers over.