Luc Krotwaar loopt nog even door
Krotwaar (37) behoort al jaren tot de beste marathonlopers van Nederland en kan sinds vijf jaar ook met de internationale subtop mee. Het afgelopen seizoen verliep echter minder soepel: in Athene moest Krotwaar zich op de dag van de start van de marathon geblesseerd afmelden en in Helsinki eindigde hij als vijftiende.
Luiden deze gebeurtenissen het eind van je carrière in?
‘Nee, ik wil nog lang door gaan. Natuurlijk ben ik al aardig op leeftijd, maar dat geeft me juist extra motivatie. Het feit dat ik nu nog in de buurt van mijn persoonlijke records loop, motiveert ook mijn clubgenoten en andere lopers. En dat motiveert mij weer.
Ik denk dat het positieve effect van deze cirkel steeds sterker zal worden naarmate ik ouder word. Ik kan me voorstellen dat het mij hetzelfde zal vergaan als Troy Douglas, de nestor van de Nederlandse sprint. En waarom ook niet? Mensen worden steeds ouder en kunnen op latere leeftijd steeds langer doorgaan met sporten. Het is geen kwestie van een sterke fysiek, maar het ligt aan je motivatie. Ik wil nog een snelle marathontijd lopen en een goed kampioenschap afwerken.’
Waardoor blijf je gemotiveerd?
‘Ik vind mijn sport gewoon erg leuk. Het gaat me niet alleen om de resultaten. Het belangrijkste is dat ik een aantal leuke jaren als sportman beleef en dat lukt goed! Ik ben twaalf keer in Kenia geweest voor hoogtestages en heb daar heel wat vrienden gemaakt. Met een aantal Kenianen die hier wegwedstrijden lopen, ben ik nu bevriend. Het is een mooi bestaan als sportman. Ik leef heel intens doordat ik veel reis en daardoor veel mensen leer kennen. Op zaterdag een ticket boeken en op maandag in Kenia aankomen. Dat zou ik missen als ik zou stoppen met lopen. Toch kan ik me voorstellen dat ik op een gegeven moment ook andere dingen belangrijk ga vinden. Zoals een vast inkomen.’
Hoe kijk je terug op de afgelopen WK in Helsinki, waar je als 15e eindigde op de marathon?
‘Met gemengde gevoelens. Over mijn eigen wedstrijd ben ik tevreden: die ging zoals ik had gehoopt. Het was alleen een hele klap om te horen dat Kamiel Maase niet mee kon doen. Ik heb de hele dag op de bank gezeten toen dat nieuws bekend werd. We hadden ons samen op het WK voorbereid en konden uiteindelijk niet samen gaan. Dat vind ik nog steeds jammer omdat we kans op een goede landenklassering hadden.´
Een gemiste kans dus.
´Er komen nog wel meer kansen als we volgend jaar met drie of vier lopers naar het EK gaan. Daar kunnen we een medaille winnen.´
Je gaat regelmatig op hoogtestage in Kenia, naar het kamp van Lornah Kiplagat en Pieter Langerhorst. Geloof je in het effect van hoogtetraining?
‘Voor de één werkt het wel en voor de ander niet. Bij mij werkt het heel goed. Ik merk na ruim een week dat mijn rustpols drie of vijf hartslagen lager ligt. Terug in Nederland blijft dat drie weken zo en heb ik een extra buffertje waar ik op vooruit kan. Het effect is helaas meestal na één goede marathon alweer voorbij.’
Bert Borghans is sinds januari dit jaar je nieuwe trainer. Waarom ben je met hem in zee gegaan?
‘Na de Spelen realiseerde ik me dat een trainer geen overbodige luxe is. Ik heb vier jaar lang mezelf getraind, maar soms gaat mijn eigen ambitie met me aan de haal. Om het laatste stapje te kunnen zetten, is het belangrijk is dat ik een trainer heb die objectief over mijn schouder meekijkt en bepaalde trainingsvormen op een andere manier kan toepassen. Ik heb een aantal gesprekken met Bert gehad. Hij is bekend als fysiotherapeut, maar als trainer wil hij zich nog bewijzen. Het klikt qua inzichten en hij is een maand jonger dan ik en lekker ambitieus. Dat gaf de doorslag.’
Wat zijn nu nog je doelen?
´Ik loop het best onder barre omstandigheden en hoop dus op een slopend internationaal kampioenschap met 32 graden, regen of hagel. Dan kan ik mijn slag slaan. Het ultieme doel is een snelle tijd op de marathon lopen, liefst onder de 2.09. Ik weet niet of ik dat ga redden maar als ik niet hoog inzet, ga ik achteruit. Dan vind ik het niet de moeite waard.´
Iris Grimm
[30/08/05]

