Pieken in Peking

Wie voor olympisch goud gaat, stapt een complexe wereld in. Of wordt de materie ingewikkelder gemaakt dan nodig is? Runner’s World peilde in Peking hoe er vlak voor de start aan de touwtjes wordt getrokken.

Het is een beeld waar ongeveer elke trainer in de wereld van gruwt, toch spreekt het boekdelen. Een zak met waren van McDonald’s, afkomstig uit de eetzaal en meegenomen in de atletenbus. Nuggets, die achteloos in de mond verdwijnen. Onderwijl telefonerend en poserend met atleten die op de foto willen met deze kersverse olympische legende. Usain Bolt. Het is ruim twee uur voor de halve finale 200 meter, het onderdeel waar de Jamaicaan de meeste passie voor voelt, maar daar is helemaal niets van te merken.

Het contrast is groot als Tatjana Lebedeva, na zilver bij het hinkstapspringen, haar olympische titel verspringen probeert te prolongeren. Met een trainer pal aan haar zijde, anderhalf uur voor de wedstrijd, is ze in een hitte van dertig graden bezig met een korte reeks, intensieve loopsprongen. Vervolgens toont ze haar explosieve gaven door uit stand hoge achterwaartse sprongen te maken, een lust voor het oog. Moet het allemaal zo serieus en intensief? Zij wel, getuige haar beste seizoensprestatie in de finale. Met 7.03 meter in haar laatste poging komt ze net een centimeter te kort voor goud.

Het zijn grote verschillen in de veelkleurige wereld van de atletiek, waarin goud steeds moeilijker te winnen is. Weten nu ook de Amerikanen. Toch worden zelfs in Nederland en België mondiale kampioenen geboren, dus zo ver weg is de wereldtop niet. In Peking waren we vooral geïnteresseerd in de finesses van de allerlaatste dagen vóór de goudjacht.
Het beste recept om in topvorm aan de start te staan, is...

Lees het volledige verhaal in de nieuwe Runner's World,
die vanaf donderdag in de winkel ligt.



[25 augustus 2008]
Ysbrand Visser

volg ons