Spartathlon 2009
![]() |
Jan-Albert Lantink is 5e geworden in de Internationale Spartahalon. Dit is een ultrawedstrijd van Athene naar Sparta over 246 kilometer.
Naar aanleiding van de geschriften van een schrijver uit de oudheid Herodotus werd in 1983 uitgeprobeerd of de afstand van Athene naar Sparta binnen 36 uur gelopen kon worden, zoals Phidippides gedaan zou hebben. Phidippides (gestorven 490 v. Chr.) was een Grieks koerier naar wiens lange-afstandsloop na de Slag bij Marathon het sportevenement de “marathon” is genoemd. Herodotus beweert dat dezelfde hardloper ook met een vraag om hulp vanuit Athene naar Sparta (246 km) werd gezonden en weer terug. Hij zou er twee dagen over hebben gedaan om in Sparta te komen, waarbij na 160 km ook de 1000 meter hoge Sangaspas beklommen moest worden.
Naar aanleiding van het relaas van Herodotus werd in 1983 voor het eerst een Spartathlon gehouden. Een groep Engelse atleten liep in 1983 de gereconstrueerde route; dit was het begin van één van de klassiekers voor ultramarathonlopers. In 1984 werd de "International Spartathlon Association" (I.S.A.) opgericht die dit evenement ieder jaar in september organiseert. Nu is de Spartathlon een klassieke ultraloop en geldt als een van de zwaartse in de wereld. De deelnemers komen vanuit de hele wereld. Het traject is een zo goed mogelijke reconstructie van de oorspronkelijke route die Phidippides 490 jaar voor Christus gelopen zou hebben; hij stierf tijdens de terugweg.
Jan-Albert had in 2007 al een poging gedaan om te finishen in deze als zeer zwaar bekende klassieker op het gebeid van ultralopen. Hij sneuvelde toen in de hitte in de avonduren. Afgelopen vrijdag werd er om 7.00 in de ochtend gestart onder aan de voet van de Akropolis in Athene. Favoriet was o.a. de Japanner Ryoichi Sekiya, wereldkampioen 24 uur en al eerder winnaar van de Spartathlon en de Deen Lars Christoffersen . Jan-Albert Lantink startte voortvarend en na 80 kilometer lag hij op kop. De start gaat dwars door Athene waar heel het verkeer wordt stilgelegd. Dit tot grote ergernis van de Atheners. De eerste 80km mochten eigen begeleiders de lopers niet ondersteunen. Je kon ’s avonds voor de start je bidonnen inleveren bij de organisatie ( 60 stuks ). Na 80 km mochten je helpers op vastgestelde plaatsen er staan ( om de 10-15km ). Daar tussen waren er posten van de Grieken.
Er werd door politie en officials streng gecontroleerd of er je niet buiten deze posten hulp kreeg. Werd dat vastgesteld dan volgde diskwalificatie. De temperatuur was aanvankelijk koel voor Spartathlon begrippen ( 26 graden ) echter klom geleidelijk op naar 30 graden in de heuvels. Na ongeveer 130km nam de favoriet Ryoichi Sekiya de leiding over. De route voerde door heuvels, wijngaarden, feestende dorpen en vervolgens langzaam naar de Sangaspas. De aanloop van enkele kilometers was een slingerde alpenweg omhoog . Hier ging het stijgen van Jan-Albert redelijk goed. Bij de voet van de Sangpas ( Basecamp ) welke vrijwel loodrecht omhoog ging waren zijn begeleiders weer aanwezig. In de bergen bij de pas waren er al bliksemflitsen te zien waarvoor door de organisatie was gewaarschuwd.
Het begeleidingsteam van Jan-Albert bestond uit zijn oudste dochter Emilia ( 13 jaar ), Attje Boom ( MPM-Hengelo ) en Pieter Berlijn(collega ). De pas werd goed gekomen en de achterstand op de favoriet werd van een half uur teruggebracht tot 5 minuten. Het was inmiddels aarde donker en er werd met een berglamp op het hoofd gelopen. De route vervolgde verder door heuvels en landerijen waar honden het gemunt hadden op de lopers. Eén Nederlandse deelnemer werd het ziekenhuis ingebeten. Kinderen fietsen en liepen mee met de lopers. Geestelijken verwelkomden de lopers van deze historische race aan het begin van de dorpen. In het dorpje na de Sangas Pas gaf Jan-Albert de plaatselijke geestelijke een hand met een buiging. Dit was volstrekt ongebruikelijk en het hele bergdorp ging uit zijn dak. Tot 195km lag Jan-Albert dankzij zijn begeleidingsteam op de tweede plek. Echter hij kreeg toen een formidabele inzinking en moest rust nemen om er voor te zorgen dat hij niet verder in de problemen kwam. In de Spartathlon finishen gemiddeld per keer 1/3 van de lopers. Dit jaar waren er 320 starters en hiervan haalden en 133 de finish.
Door rust te nemen verspeelde hij wel een podiumplek echter kon wel zijn weg vervolgen. In Sparta aangekomen moet je bij de finish het beeld van Leonidas kussen en krijg je water te drinken afkomstig uit de rivier de Eufraat. De intocht in Sparta gaat onder politie begeleiding en bij de finish staan vele mensen in traditionele kleding klaar met artsen om je op te vangen. Uiteindelijk finishte hij met een 5e plaats in 26 uur 6min en 49 sec. De Japanner maakte zijn rol waar en werd eerste gevolgd door een Deen, Noor en weer een Japanner. Een droom was in vervulling gegaan.
Jan-Albert Lantink


