In de geest van Jan Knippenberg

Net als de legendarische Jan Knippenberg voltooide ook zijn zoon Mikel de Zestig van Texel.

woensdag, 22 april 2015, 10:00
In de geest van Jan Knippenberg

Net als de legendarische Jan Knippenberg voltooide ook zijn zoon Mikel de Zestig van Texel.
‘De cirkel is rond.’

Jan Knippenberg (1948-1995)
Jan Knippenberg is de pionier en goeroe van het ultralopen in Nederland. In zijn te korte leven liep hij naar schatting tweehonderdduizend kilometer hard. Hij werd een fenomeen door zijn onwaarschijnlijke prestaties, zoals een rondje om het IJsselmeer en de ultraloop van Hoek van Holland naar Stockholm.

Later viel hij ook op door zijn vele columns in Runner’s World. Die maandelijkse reeks sloot hij vlak voor zijn overlijden af met de zin: ‘De wind waait onze voetsporen weg en daarmee is het afgelopen.’
Gedenkwaardig is ook zijn quote: ‘Lopen is geen sport, maar een manier van reizen, waarbij geest en lichaam zich voortdurend verplaatsen. Lopen is daarom Kunst en geen middel ter bestrijding van welvaartskwaaltjes’.

Deze tekst staat gedeeltelijk op zijn grafsteen en is afkomstig uit zijn cultbijbel De mens als duurloper, die onlangs opnieuw is uitgegeven. Verder laat hij de tweejaarlijkse Jan Knippenberg Memorial na, 125 en 60 kilometer tussen Hoek van Holland en Den Helder, en de Zestig van Texel.

Mikel Knippenberg
Twintig jaar na de dood van zijn vader Jan voltooide zoon Mikel deze ultraloop voor de eerste keer. Van deze bijzondere gebeurtenis deed hij verslag op Keep-on-Running, dat wij met toestemming hieronder hebben overgenomen. Foto’s: Bjorn Paree, Simone Guikema, Arjen Guikema.


Monsterlijk mooie Zestig van Texel 2015

door Mikel Knippenberg

Toen ik eind 2012 terugkwam uit Schotland ontstond het idee om mee te gaan doen aan de Zestig van Texel in 2015. Een meerjarenplan omdat zestig kilometer niet valt te onderschatten. Het parcours is deels onverhard en op Texel is het weer altijd onvoorspelbaar. Soms warm en droog, soms winderig en regenachtig. Daar komt nog bij dat alle verhalen sinds het prille begin in 1991 door mijn hoofd spoken. Bovendien spookt de geest van mijn vader over het eiland en dat is altijd een factor om rekening mee te houden. Mijn plan was om eerst maar eens de route te gaan verkennen in etappes. Daarna zouden we wel weer gaan zien en vooruitkijken.

Van het één kwam het ander en logischerwijs schreef ik mij in voor de 4 x 15 kilometer estafette. Samen met Dirk Jan Roeleven, Arjan Kroon en Peter Witkam rondden we in ruim 5 uur het Waddeneiland. Dat was april 2013 en ik was opnieuw verkocht. Ik werd geraakt door de schoonheid van het eiland waar ik zo lang van was weggeweest. Het was op die mooie dag in april koud en winderig en ik liep het derde deel van de Slufter naar Prins Hendrik. Het monsterlijke plan voor 2015 werd langzaam in mijn hoofd geboren om het hele eiland dan maar in zijn geheel te ronden. Omdat het kan maar ook als test of mijn lichaam en geest zulke belastingen wel aankunnen. Dat dit verregaande consequenties had kon ik toen nog niet weten.

Westland Marathon
Via goodold Wim Verhoorn die in 2013 het startschot lostte van de Zestig van Texel hoorde ik dat er plannen waren om nog éénmaal de Westland Marathon te organiseren in het voorjaar van 2014. Een prachtig doel te meer ook omdat mijn vader daar zijn eerste marathonervaringen opdeed. Ik bekeek de plakboeken met foto’s van Jos van Iersel uit 1973 en 1974. Dat leek me wel wat. In de tussentijd plande ik wat korte loopjes van tussen de 15 en 35 kilometer. Waaronder de Midwinter Marathon in Apeldoorn met de loopgroep van Leslie Pangemanan (Asselronde) en later de Venloop.

De voorbereidingen verliepen soepeltjes en in mei 2014 liep ik mijn eerste marathon tussen de kassen in het Westland. Het was een warme dag en ik finishte zonder al te grote problemen in iets meer dan 4 uur. Bij de finish bedacht ik me dat de Zestig van Texel nog een kleine 20 kilometer langer was. Zou ik dat halen? Ik had nog een goed jaar om me mentaal en fysiek voor te kunnen bereiden.
Gedurende de zomer van 2014 begonnen we ook met de organisatie van de Zestig van Texel. Vragen stapelden zich op. Zou het mogelijk zijn om naast de organisatie ook nog mee te doen. Net als mijn vader altijd deed? Niet iedereen stond te springen. Dat moge duidelijk zijn.

Hollywood
Ik bedacht me dat je als organisator ook een keer moest hebben geproefd en gevoeld aan een échte ultramarathon voordat je deze goed kan promoten. Dan weet je wat er speelt in de hoofden van de lopers voor de start, onderweg en aan de finish. Pijn en doorzettingsvermogen krijgen een heel andere dimensie, was mijn voorgevoel. Op 1 september 2014 begon de inschrijvingsprocedure en ik was zo eigenwijs en gek om me in te schrijven voor De Zestig. Even stonden alle pijlen en schijnwerpers op maandag 6 april 2015. Een oude regel uit Hollywood spookte door mijn hoofd: ‘The show must go on!’ Ik kon niet meer terugkrabbelen. Mijn eigen ervaring was dat je vooral uitgerust aan de start moest staan. Dus de laatste maand geen gekke trainingen meer en vooral héél goed uitrusten.

In het najaar van 2014 kruiste mijn pad richting De Zestig van Texel met dat van Hans Koeleman. Een oude bekende uit de hardloopwereld. Koeleman daagde mij uit mee te doen met zijn Mystical Miles Midnight Run in de nachtelijke Schoorlse duinen. Dat was een prima test voor de Zestig van Texel. Om het allemaal nog interessanter en complexer te maken begon Andere Tijden Sport in het najaar van 2014 aan de voorbereidingen voor een uitzending over mijn vader in het voorjaar van 2015.
Ik besefte dat dit een uitgelezen kans was om één en ander samen te laten komen met Pasen 2015. De Zestig van Texel werd een paraplu voor een hoger doel: een monument voor duurloper en vader Jan Knippenberg. Het kón. Voorzichting begon ik te denken aan samenkomst van vier dingen: de Zestig van Texel, de première van Andere Tijden Sport op Texel, een heruitgave van De mens als duurloper en mijn eigen deelname aan deze monstertocht. Uitdagingen en doelen moet je altijd durven te stellen. Tóch? Belangrijk was om iedereen in de trein te krijgen. Dat was niet makkelijk.

Koeleman
De voorbereidingen voor mijn eigen tocht gaan goed. De samenwerking met Hans Koeleman werkt. Hij laat me vrij in mijn training maar als ik hem vertel dat ik van plan ben de hele Zestig ‘even’ te lopen als voorbereiding vindt hij dat zéér onverstandig. Als alternatief lopen we in een groepje in februari van Amsterdam naar Marken en weer terug op de vroege ochtend. Ruim 42 kilometer. Als dat makkelijk gaat zijn we er klaar voor en zo gaat het ook. De ervaring van hem is dat juist op de wedstrijddag andere regels gelden. Met name de verzorgingsposten en de spontane aanmoedigingen van het publiek zijn een heel belangrijk onderdeel van de entourage. Die kunnen je er nét doorheen slepen op de wedstrijddag. Daarnaast gaan we gezamenlijk lopen in een groep. Zodat we altijd aanspraak hebben bij elkaar.

De groep zal bestaan uit Hans Koeleman, Cor Koeleman, Johan Zeilstra, Paul Jaspers en ik. Onderweg worden we begeleid door Simone Guikema en haar vader Arjen Guikema. Ook de zoon van Hans Koeleman, Sam, fietst mee. In diezelfde periode brengt ook goede doelen goeroe Piet Boelens een bezoekje aan Texel. Ik laat hem mijn loopgebied zien tussen de Slufter en de vuurtoren en hij is meteen verkocht. Ook Piet gaat voor De Zestig!

Rond februari 2015 wordt duidelijk dat alle vier de dingen gaan lukken. Het boek komt er, de film komt er, de wedstrijd komt er én óók ikzelf ben fit genoeg om te starten. Toeval bestaat niet. Op zaterdag 4 april plannen we de film Forrest Gump op Texel (voorpremière Andere Tijden Sport) in Cinema Texel. Met hieraan gekoppeld de boekpresentatie.
Dan volgt op maandag 6 april de grootste beproeving van mijn nog jonge leven: deelname aan de Zestig van Texel. Een prima manier om deze fase in mijn leven af te ronden en letterlijk alle spanningen en stress van de laatste tijd uit mijn lichaam te lopen.

Hieronder volgt het verslag van die bijzondere dag in april (geschreven door Mikel Knippenberg en Hans Koeleman). Die om precies te zijn om 8 uur ’s ochtends begon aan het ontbijt onder de rode vuurtoren op de noordpunt van Texel. Daar waar alles ooit begon en werd uitgedacht. Het klinkt allemaal zo vanzelfsprekend, maar dat is het niet. Net als het leven eigenlijk. En dát is juist zo mooi.

Day of the match
Om 10.35 uur zal Dirk Jan Roeleven het startschot geven van de 13e Zestig van Texel. Ik heb hier twee jaar naartoe geleefd en ken de route en alle verhalen binnenste buiten. Liters sportdrank heb ik gisteravond klaargemaakt en op advies van Hans Koeleman al gedronken. Ik begin de dag met gebakken eieren met spek, bananen, yoghurt met muesli en sportrepen. Mijn benen willen al weken lopen. Nu kan het dan eindelijk. Mijn moeder zal me al ruim voor de start naar het Horntje brengen. Zelf rijdt ze koffie en thee rond voor alle vrijwilligers. Op het 35-kilometerpunt nabij de vuurtoren legt ze twee bidons voor me klaar om mijn Kamelbak (waterzak) bij te vullen. Een goed gevoel.

Bij de start begint het al lekker druk te worden. Ik spreek Luc Krotwaar en Martien Baars. Kort daarna komen Dirk Jan Roeleven en zijn vrouw Hester van der Vliet aangelopen. Uiteraard gaan we even op de foto. Later lees ik een mooi bijschrift bij de foto op Facebook die ik jullie niet kan onthouden: ‘Temidden der kampioenen. Tussen Luc Krotwaar alias De Witte Keniaan en Mikel Knippenberg alias De Zoon van de Geest van Zijn Vader.’ Zulke woorden doen goed als je nog zestig kilometer moet hardlopen.

Ik bel Hans Koeleman op en ontmoet de groep bij binnenkomst in het NIOZ (Koninklijk Nederlands Instituut der Zee). Ze ogen ontspannen net als ik. Buiten staat een noordenwind met af en toe een bui. Bij de vuurtoren scheen nog de zon. Voor mijn gevoel perfect loopweer. Eerst afkoelen tot de vuurtoren, dan opwarmen en wind in de rug richting de finish. Wat wil je nog meer. Onze groep start geheel in de geest van mijn vader achteraan. In het begin gaan we lopen op een tempo van 6.10 minuten per kilometer. Ergens een tijd tussen de 6 à 7 uur. Voor wat het waard is. Dan hebben we nog wat speling in het tweede gedeelte.
Ik hoor via de speakers Albert Hoven en Dirk Jan Roeleven de laatste seconden voor de start nog hun bemoedigende woorden doen en dan gaat De Zestig écht beginnen. Een enorm ultra-peloton loopt de eerste kilometers door een haag van mensen en liefhebbers om aan hun kruistocht van 60 kilometer en een beetje te beginnen. Een soort Elfstedengevoel.

Bjorn Paree
De eerste vijf kilometer zijn verhard richting de Hors. Onderweg zien we Bjorn Paree foto’s maken. Dit weekeinde doet hij onder andere de social media omdat ikzelf meeloop. Later zal blijken dat hij duizenden foto’s heeft gemaakt. Een record en een pluim voor hem. Gekscherend roep ik dat hij de rest van zijn leven onbeperkt Skuumkoppe kan drinken (lokaal bier) als hij op Texel verblijft. Ik zie het eerste stuk zelfs mensen met blote voeten lopen. Respect! Vanaf de Hors is het windje en regen tegen richting het Turfveld in de Dennen. Het eerste wisselpunt voor de estafette na 15 kilometer.

Er vormen zich waaiers op het strand met verschillende tempo’s. We lopen van groep naar groep en zoeken naar het juiste tempo van ongeveer 6.10 à 6.30 min/km. Het strand ligt er schitterend bij vanwege de storm van afgelopen week. Bij het Turfveld wacht Radio Texel mij op. Verslaggever Alex de Haan daagde mij twee jaar geleden uit om mee te lopen met de Zestig en die uitdaging ben ik aangegaan. Later die dag geven ze af en toe updates van mijn doorkomsten op de wisselpunten. Het loopt lekker al ergeren we ons soms aan de scooterrijders die meerijden met de lopers. We lopen over de Randweg en slaan dan het Paggapaadje in richting het strand. Opnieuw draaien we tegen de wind en de regen in en gaan op weg naar Paal 21.

Tussen Paal 17 en Paal 21 loopt Arjen Guikema mee. De vader van Simone Guikema. Arjen is een oude trainingsmaat van mijn vader, die hij ontmoette in Papendal in de jaren 70 van de vorige eeuw. Ik drink veel en stop bijna bij elke 5-kilometerpost om te plassen. Blijven drinken en eten spookt door mijn hoofd. Voorkom uitdroging en hongerklop. Dát is de essentie. Inmiddels draaien we het strand af en gaan we de Nederlanden en de Slufter in. We passeren het Oorlogsschip en zien voor het eerst de vuurtoren liggen. Voor mij is dit heilige grond en mentaal zéér belangrijk.
Al met al loopt het heel erg lekker. Dat is een zegen. De groep is erg hecht merk ik onderweg. We voelen elkaar naadloos aan en helpen elkaar waar nodig. Het is een drukte van belang bij het tweede wisselpunt bij de Slufter. Van veel kanten komen aanmoedigingen. Ik zie het estafetteteam van Annebel Kroezen en ook een team van Simon Bos uit Castricum, een oud-leerling van mijn vader. Zij lopen de 4 x 15 kilometer estafette. Vandaag zijn dat zo´n 175 teams, een record!

Thuiswedstrijd
Tot aan de vuurtoren is het een thuiswedstrijd. Elke meter ken ik hier. Op advies van Koeleman loop ik door de berm. De laatste 25 kilometer zijn verhard dus nu kan het nog. Mijn knieën en gewrichten krijgen nog genoeg te verduren gedurende het laatste stuk. Vlakbij de Sluftervallei breekt de zon door. Heerlijk, nu kunnen we in T-shirt lopen. Keerzijde is dat we wel veel meer gaan drinken en dat de zon op onze hoofden gaat schijnen. Ik weet dat er twee bidons met drinken klaarliggen nabij de vuurtoren bij de Robbenjager op het 35-kilometerpunt. Eén bidon drink ik langzaam leeg en met de ander vul ik mijn Kamelbak tot aan de rand toe met sportdrank.

Vanaf nu krijgen we mentale steun van Simone Guikema en haar zoontje Sam op de fiets. Ze maken mooie foto’s en leggen onze prestatie vast op de social media. Héél prettig, ook voor het thuisfront. Alle overbodige bagage verdwijnt in één van de volgauto’s. Voor het eerst krijg ik besef van tijd. Ik zie de kerkklok van De Cocksdorp. Het is tussen de 14.30 uur en 14.45 uur. Dat gaat dus volgens plan en erg goed. Vanaf nu ga ik aftellen richting het marathonpunt nabij Hotel Prins Hendrik.

De cut-off time bij Prins Hendrik is 16.15 uur. Het einde van de finishregistratie in Den Burg is om 17.35 uur. We blijven dus nog ruim binnen de tijd. Af en toe merk ik dat onze groep haarscheurtjes vertoont. Maar wat wil je na ruim 40 kilometer beuken tegen de natuurelementen en vooral jezelf. Bizar detail is dat voor veel lopers de marathonafstand het hoogst haalbare is. Voor ons is dat slechts een doorkomst, nog 20 kilometer tot de finish. Ik moet zeggen dat het vooral mentaal een zéér zwaar punt is. Het lichaam wil allang niet meer en de geest neemt het over. Tenminste als die nog wil.
Inmiddels begint het groepje te kraken en er ontstaat discussie of we wel bij elkaar willen blijven. Persoonlijk wil ik binnen de 7 uur finishen, dus houden we even overleg in Oost. Vijftien kilometer voor de finish in Den Burg. We krijgen nog de loodzware passage over de klinkers in Oosterend, de doorkomst door Oudeschild met de penetrante vislucht en gekmakende drukte van Duitse toeristen. En als klap op de vuurpijl nog de doorkomst over de Hogeberg. Het hoogste punt van Texel. Geen meter meer hetzelfde.

Samen met Paul Jaspers (de broer van de overleden atleet Stijn Jaspers) en Johan Zeilstra besluiten we iets te versnellen om er in ieder geval voor te zorgen dat we binnen de officiële tijdsregistratie binnenkomen. Cor Koeleman en Hans Koeleman nemen het risico en richtten zich op een tijd net binnen de 7 uur vlak. De broers Koeleman weten wat ze doen want ze finishen later nét binnen de tijd. Chapeau!
We hebben de wind in onze rug en de zon op ons hoofd. Het is warm en de sportdrank begint op te raken. We voelen onze benen kraken maar we gaan door. Gelukkig is er elke vijf kilometer een verzorgingspost. Bij elke post nog steeds hetzelfde ritueel. Sportdrank, water, banaan, sinaasappel en een spons op je hoofd. Heerlijk. Op tien kilometer voor de finish wacht mijn moeder met koffie en belangrijke mentale steun. Dan richting Oudeschild over die vervloekte Waddendijk.

Over de haven en dan de laatste verzorgingspost. De dochter van Mark de Boer, Sanna, staat daar en dat is belangrijk voor me. Ze heeft al vele malen geholpen bij de Jan Knippenberg Memorial en nu helpt ze op Texel. Grote dank! Ze stuurt een berichtje naar haar vader dat we eraan komen!
De laatste kilometers gaan langs het graf van mijn vader op de Hogeberg. Nog één keer naar boven. Dat zal hij wel bedacht hebben. Hem kennende. Nog een kuitenbijter want we hebben er nog maar 60 kilometer opzitten. Gelukkig kan ik erom lachen. Dat kan er ook nog wel bij!

Mikel Knippenberg en Hans Koeleman

Finale
In de verte horen we de speaker Albert Hoven al. Nog één keer naar beneden richting de finish. We hebben allang 60 kilometer hardgelopen. De Zestig van Texel is véél meer dan 60 kilometer. Met name het mentale aspect is doorslaggevend. De reis, de loop, de gedachte, de beproeving, de beleving, dát is de uitdaging. Ik hoor mijn naam. Ik zie mijn moeder, Ton Peters, Martien Baars, Gert Pansier, Albert Hoven, Cees Goslinga, Bjorn Paree en de verslaggevers van Radio Texel en de Texelse Courant. Het zit erop. Twee jaar voorbereidingen, de film, het boek en de wedstrijd. Voltooid. Gelukt. Succes. Genoten. Dat smaakt naar meer. Alhoewel?

Zes uur, zesenveertig minuten en tweeëndertig seconden geven nooit weer wat er allemaal door mij heen ging vandaag. Nu eerst een biertje en een broodje hamburger. Het is even mooi geweest. De cirkel is rond.

Mikel Knippenberg