Marathonrevolutie zaait verdeeldheid (2)

Ruim een jaar na publicatie van De Marathon Revolutie is de discussie rond deze omstreden methode opnieuw opgelaaid.

dinsdag, 18 april 2017, 13:30
Marathonrevolutie zaait verdeeldheid (2)

De gulden middenweg

Aan de NN Marathon Rotterdam van 2016 deden vijf loopmaatjes mee, die in hun langste duurloop niet of nauwelijks meer dan 14 kilometer hadden getraind. Overgelukkig haalden zij – inclusief vier debutanten – de finish op de Coolsingel.

Hun verhaal verscheen in het juninummer van Runner’s World (2016) en staat ook uitgebreid op Runnersweb. Wat duidelijk werd: de minimale voorbereiding van De Marathon Revolutie is inderdaad een manier om ongeschonden de finish te halen. De vier debutanten stonden dit jaar opnieuw aan de start in Rotterdam (één op basis van de marathonrevolutie).

‘Vind je het ook niet een beetje vals spelen?’

Ook aan de start op die warme zondag 9 april 2017 stond sportjournalist Iwan Tol. Op zijn beurt beschreef hij zijn eigen marathonvoorbereiding op basis van dezelfde methode in de Volkskrant (voor € 0,39 te lezen via Blendle). Ook hij kwam tot de conclusie dat de methode werkte.

Weinig begrip
Leek de discussie over de ‘belachelijk’ minimale voorbereiding vorig jaar geluwd, deze brandde afgelopen weken – mede dankzij Tol – opnieuw in alle hevigheid los.

Er is een groot contingent lopers dat wel de moeite neemt van alle lange duurlopen (tot voorbij de 30 kilometer). Een deel van hen ageert heftig tegen de ‘korte’ methode en toont weinig begrip voor andere type lopers.

Met een mengeling van walging en afgunst lijken zij niet te snappen waarom anderen kiezen voor veel minder training in plaats van de forse belasting van de klassieke methode. De methode zelf staat al bijna niet meer ter discussie, de beleving van de ‘andere’ marathonloper des te meer.

Ook Tol kreeg de nodige kritiek te verduren, alsof – zo schreef hij – de methode de marathon ontheiligt. ‘Zeg eens eerlijk, Iwan, vind je het ook niet een beetje vals spelen, dat schema van jou?’, kreeg hij te horen.

Een deel van het hedendaagse loperspeloton geeft echter helemaal niets om heel lange duurlopen, uiterst zware trainingen of een goede tijd aan de finish. De statistieken bewijzen dat ook duidelijk. Deze langzamere lopers halen meer voldoening uit de beleving van een bijzonder mooi evenement, zoals de Marathon Rotterdam.

‘En voilà, je bent klassiek revolutionair bezig’

Wat het puur uitlopen van een marathon voor sommigen betekent, werd wel heel duidelijk uit het bijzondere verhaal van MS-patiënte Mirjam van der Linden.

Tevens moet gezegd dat de discussie ook wordt gevoed door uitdagende posts van auteur Koen de Jong. De grote pleitbezorger van de ‘revolutionaire’ methode schopte, in een poging zijn leer aan de man te brengen, graag tegen de schenen van de klassieke marathonwereld.

Miranda Boonstra (2015)

Twee kanten
In reactie op deze discussie schreef marathontopper Miranda Boonstra een betoog dat inging op de twee kanten van de medaille.
Boonstra beschrijft de beide methoden, als uitersten aan het trainingsfront, en vraagt zich af: ‘Wat kan je het beste doen? Zoals bij bijna alles in het leven is de gulden middenweg vaak best goed: de route tussen de klassieke en revolutionaire methoden.’

‘Er is een flink gat (van 21 km) tussen de duurlopen van 14 en 35 kilometer, dus waarom de lange duurloop niet rond de 25 kilometer maken? De gemiddelde loper is hier 2,5 uur mee bezig, net zo lang als de gemiddelde Nederlander naar de tv kijkt.’

‘Zet je gezin dus voor de tv en je zal niet eens gemist worden. Doe dit rustiger dan je marathontempo en las er trainingen in op marathontempo-hartslag. En voilà, je bent klassiek revolutionair bezig.’

Maatwerk
Het advies van Boonstra lijkt de veiligste weg voor heel veel lopers. Onze trainingsdeskundige Rob Veer, coach van het Runner’s World Dreamteam, voegt daar aan toe: ‘Een marathonvoorbereiding beoordelen op de lengte van een lange duurloop is als een hardloopschoen beoordelen alleen op basis van het profiel van de slijtlaag.’

‘Er is volgens mij niet één trainer die ál zijn lopers in een marathonvoorbereiding duurlopen van 30 kilometer of langer voorlegt. Het gaat om maatwerk. Ook 25 kilometer zal voor de een te veel en voor de ander te weinig zijn.’

Vandaar dat Boonstra besluit met dit advies: ‘Wil je echter het allerbeste en houd je niet van de gulden middenweg? Ga dan voor een personal marathoncoach.’

 

Leestip: De 11 geboden voor een marathonschema

Foto’s: Erik van Leeuwen

Tags: