Loperslatijn

Je staat in het startvak en het gonst excuses, voorbehouden en voorzichtige voorspellingen voor eindtijden om je heen. De kleine hield je uit je slaap, je hebt een licht verkoudheidje gehad of een lichte blessure waardoor je niet voldoende hebt kunnen trainen. Niets is dan zo fijn als het verlossende startschot. Het valt eigenlijk best mee, merk je. Vandaag misschien een pr?

woensdag, 18 augustus 2010, 8:00
Loperslatijn

O ja, in de kleedkamer na afloop weten we het zo zeker. Waarom je geen pr liep vandaag.

Dat het parkoers absoluut te lang was. En, ja, echt geen smoes, dat je de afgelopen week er elke nacht wel drie keer uit moest omdat de kleine verkouden was. En dat breekt je. Dus dat jij nog kon versnellen in de laatste kilometer, nou dat trok ik mooi niet. Normaal gesproken had ik makkelijk mee gekund natuurlijk. Nee, honkbalpetje af. Klasse gelopen.

Je herkent dit soort gesprekken vast wel. Ook tijdens het inlopen zijn de excuses en voorbehouden niet van de lucht. Eenmaal samengedrongen achter de startstreep ruikt het net zo erg naar het angstzweet der twijfel als naar penetrante spierbalsem. Een kreupel legioen dat zich voortsleept in het vooruitzicht van een gewisse dood.

Niets is zo louterend als de bevrijdende knal. Als schoolkinderen na de laatste bel stuiteren we vol tomeloze energie over het parkoers. De wonderbaarlijke genezing van het startschot.

Moraal van dit verhaal? Eenmaal begonnen met lopen, verdwijnen angst en twijfel en kan je misschien wel dat gedroomde persoonlijk record lopen.

[18 augustus 2010]
Runner’s World